Lange Begijnestraat 9, Haarlem

4 mei 2019

De Toneelschuur
11.00 uur, 13.00 en 15.00 uur

11.00 uur
Waar nu de Toneelschuur staat, stond tot 1953 de Synagoge van Haarlem. Alexander de Bruin, historicus bij het Noord Hollands Archief, vertelt over de geschiedenis van deze Synagoge en het vooroorlogse Joodse leven in en om deze Synagoge.
 
13.00 en 15.00 uur
Hier vertelt Arthur van Wezel over zijn oom Max Cohen. Max’ ouders Benjamin en Roosje Cohen-Van Wezel dreven juwelierszaak Cohen aan het Houtplein 15. De ouders en zus Elly zijn in de oorlog omgekomen, Max en broer Eddie hebben overleefd.

---

Juwelierzaak Cohen verhuisde eind dertiger jaren van de Generaal Cronjéstraat naar het statige pand Houtplein 15. Het gezin Cohen, bestaande uit vader Benjamin Cohen, moeder Roosje Cohen-van Wezel en de kinderen Elly, Max en Eddie woonde boven de zaak.
Met de bezetting door de Duitsers veranderde er veel voor dit normale Haarlemse, maar joodse gezin. De eerste stap was dat vader Cohen niet langer zijn eigen zaak mocht drijven. Vanaf oktober 1940 moest een bedrijf met Joodse eigenaren worden aangemeld bij de Wirtschaftprüfstelle, de bedrijfscontroledienst. Deze dienst vaardigde een Verwalter af die de zaken moest regelen. Bij de juwelierszaak Cohen werd de eigen goudsmid Stuurman aangewezen als Verwalter. Deze man heeft de belangen van het bedrijf en de familie goed gediend. De zaak heeft daarom na de oorlog de naam Stuurman&Cohen gekregen.

Toch was de familie niet direct bang voor de toekomst. Vader Benjamin heeft in augustus 1942 nog een visakte aangevraagd. Maar in de loop van dat jaar moest de hele familie onderduiken. Door verraad werd Benjamin al in het najaar van 1942 opgepakt en hij is in december 1942 in Auschwitz vergast. Zijn vrouw Roosje en hun dochter Elly waren in Heemstede ondergedoken, maar ook zij zijn verraden. Beide zijn in het voorjaar van 1945, vlak voor de bevrijding in Bergen-Belsen aan vlektyfus overleden.

De broers Max en Eddie, ook ondergedoken in Heemstede, hebben de oorlog overleefd. Ze zaten onder meer ondergedoken bij een jong gezin. Als daar over de jongens werd gesproken ging dat over “paardje” en “hondje”. Op die manier zou de kleine jongen van het gezin de onderduikers niet kunnen verraden. Max zat niet alleen ondergedoken, hij vervalste ook persoonsbewijzen voor het verzet.

Arthur van Wezel, zoon van Eddie heeft van de oorlogsperiode pas na het overlijden van zijn oom Max kennis gekregen. Een deel van deze nalatenschap heeft Arthur aan het NIOD geschonken. Noch Eddie, noch Max hebben ooit over die tijd verteld. Arthur zal op 4 mei het verhaal van zijn oom Max vertellen.  Dat kan niet in het pand Houtplein 15, omdat het oorspronkelijke gebouw is gesloopt om plaats te maken voor nieuwbouw van een bank.

Eddie, Elly en Max Cohen, 1940

Bron: Privébezit

Alle rechten voorbehouden